Aanvraag gemeentelijk monument door Cuypersgenootschap

Cuypersgenootschap
Vereniging tot behoud van negentiende- en
twintigste-eeuws cultuurgoed in Nederland

Amsterdam 24 maart 2008

Aan het DB van stadsdeel Oud-West

Hierbij wil het Cuypersgenootschap U verzoeken de panden Vinkzicht op de gemeentelijke monumentenlijst te plaatsen.
Het betreft hier de volgende panden: Kinkerstraat 56-72a/Da Costakade 166-170 (architect J.S. Driessen).
De huidige eigenaar is Korjako Vastgoed Beheer BV W. M. Dudokweg 43 B 1703 DA Heerhugowaard.
Zoals bekend worden de panden momenteel bedreigd door sloop of tenminste ernstige aantasting en verandering van de bestemming wonen.
De zogenaamde ’Vinkzicht’panden Kinkerstraat-Da Costakade zijn tot nu toe ondergewaardeerd. Het betreft een samenstel van zelfstandige gebouwen, waarvan de gevels refereren aan het historische bakstenen renaissance-[grachten]pand. Qua vormentaal laten deze gevels grote verwantschap zien, maar door de variatie van hun detaillering vormen ze ook een uitermate schilderachtig ensemble. Zo is er geen geveltop gelijk en verschillen niet alleen de decoratieve elementen van pand tot pand, maar ook hun plasticiteit, doordat de panden ten opzichte van elkaar risaliseren, er pilasters en verdiepte nissen zijn toegepast en de ontlastingsbogen vaak fantasievol zijn gedetailleerd. Hun oorspronkelijke opbouw - basement, drie lagen en een kapverdieping – is nog intact, al is de onderste laag thans vrijwel geheel door winkelpuien ingenomen. Aan de Kinkerstraat bestaat het ensemble uit vier maal twee gekoppelde paren raamtraveeën - waarvan er drie paren geheel identiek zijn -, één twee-assige en één drie-assige gevel op de hoek, die zijn blinde zijgevel aan de Da Costazijde heeft. Het hoekpand met zijn fantasievol versierde, plastische top is een goed voorbeeld van de rijke detaillering en decoratie van de panden. Als voortzetting van het ’Vinkzicht-ensemble volgen na deze blinde gevel nog vier panden – elk met een eigen expressieve top - met twee raamtraveeën. Tussen het eerste en het tweede pand daarvan bevindt zich één met het tweede pand verwante travee.
Een in Amsterdam niet veel voorkomend verschijnsel zijn de fraai gemetselde ezelruggen op de daken, die op de kruisingen van de verschillende panden zijn voorzien van ornamenten. Deze bijzondere afwerking van de architect is met name te zien aan de achterkant, die een bijna on-Amsterdams aanzien heeft.
De bijzondere samenhang met de andere zijde van de Kinkerstraat met de Da Costakade draagt bij aan het waardevolle karakter van deze bebouwing. Aan die andere zijde heeft het hoekpand eveneens een rijke, zeer plastische drie-assige opbouw, met zijn horizontale verwijzend naar de renaissance-architectuur. Dit ‘grachtenpand’ ligt met zijn voorzijde juist aan de kant van de Da Costakade, terwijl de zijgevel in de Kinkerstraat ligt. De panden naast de blinde gevel vertonen grote verwantschap in uitstraling en ordening met de Da Costazijde van het ‘Vinkzicht’ensemble. Voorts is ook daar sprake van 4 panden, met dien verstande dat het tweede pand 4 traveeën telt. Bij laatstgenoemd pand zijn de buitenste traveeën echter niet volledig identiek, zodat de conclusie gerechtvaardigd is, dat getracht is hier de suggestie van een tussentravee te wekken en zo zoveel mogelijk overeenstemming te bereiken met de opbouw van het ‘Vinkzicht’ensemble aan de Da Costazijde. Gezien vanaf de overzijde van deze kade werd door de ‘verwantschap’ van de hoekpanden en opbouw van de aangrenzende gevelwand een verrassende eenheid van het totaalbeeld bereikt. Kortom: ook het samenhangende ensemble van deze verfijnde architectuur aan de beide zijden van de Kinkerstraat is thans nog veel te laag gewaardeerd en dit gegeven is mede een belangrijk argument om ook de ‘Vinkzicht’zijde te behouden.
Bovendien is in de Kinkerstraat ook aan de andere kant van de Bilderdijkstraat beneden de winkelpuien nog veel van de 19de-eeuwse sociale woningbouw behouden en nog niet zo lang geleden gerenoveerd. De nieuwbouw in deze straat bestaat ook uit appartementen en voegt zich qua maatvoering naar het oude gedeelte.
Tenslotte kan nog het volgende worden opgemerkt: in 1999 heeft het Bureau Monumenten formeel Vinkzicht de status orde 2 gegeven en het kandidaat gesteld om op de monumentenlijst te worden geplaatst. Deze waardestelling is echter om niet bij ons bekende redenen van de tafel geveegd.

Hoogachtend,

(dr L.A.M. Giebels, voorz. en secr. afdeling Amsterdam)